Ik zorg ervoor dat niemand maar dan ook niemand jou ooit pijn zal doen

Jrg 17 no 4 juli 2020
door Seshma Bissesar

“Denkt u dat elk kind dat mishandeld wordt in staat is om verder te gaan met het leven, na onterecht te zijn verminkt? Stelt u deze vraag alstublieft niet aan uw verstand. Stel het aan uw hart, uw innerlijke”, aldus Seshma Bissesar. De partial lockdown gaat gepaard met een toename van huiselijk geweld waarbij voornamelijk vrouwen en kinderen het slachtoffer zijn. Women’s Rights Centre heeft tijdens de hearing met de voorzitters van de coalitiepartijen hier aandacht voor gevraagd en benadrukt dat het beleid een geïntegreerde nationale aanpak van huiselijk geweld behoeft. Zo vroeg WRC onder meer aandacht voor het decentraliseren van de hulpverlening. En de cursus huiselijk geweld, vrouwen-en kinderrechten in het curriculum van diverse opleidingen te integreren waaronder de Politie Academie, pedagogische academies en de Juridische Faculteit.

Seshma Bissesar heeft gemeend juist nu haar pijnlijke ervaring met u te delen. Dankzij een enorme wilskracht is zij er in geslaagd, ondanks de immense pijn en verdriet haar aangedaan, toch haar weg te vinden. Seshma is een sterke vrouw voor wie wij veel respect hebben. Zij deelt haar ervaring ook om de beleidsmakers te laten beseffen hoe ernstig het geweldsvraagstuk in Suriname is. “Weet dat achter alle statistieken over huiselijk geweld een hartverscheurend verhaal zit. Net zoals het geen zonde en schande is om te praten over seksueel misbruik, is het ook geen zonde en schande om te praten over geweld jou aangedaan.”

Ik zorg ervoor dat niemand maar dan ook niemand jou ooit pijn zal doen

195 coll wrc

Ik ben als kind jarenlang slachtoffer geweest van huiselijk geweld, zeker tot mijn twintigste. Ik woonde toen in Nickerie, en verhuisde daarna naar Paramaribo voor studie. Mijn verhaal draait om mij alleen. Ik praat niet over vader, moeder, broer en zusters. Ik zal het slechts hebben over mezelf. Ik ben geboren in een huis waar er geen dag voorbijging, zonder dat er is uitgescholden, geslagen en geschopt. Ik was dus één van de slachtoffers die het mikpunt was van frustraties van volwassenen. Ik ben niet alleen fysiek mishandeld, maar ook emotioneel. Ik heb tijden gekend, waarbij ik midden in de nacht achterna ben gezeten met een houwer en de rest van de avond niet naar huis durfde te gaan. De daaropvolgende dagen ook niet. Ik was amper dertien jaar oud. Uit angst om doodgeslagen te worden, bracht ik de tijd door bij nichten en neven totdat ik weer naar huis werd gebracht waar natuurlijk niks veranderde. Toen ik kleiner was, incasseerde ik klappen aan mijn hoofd, aan mijn gezicht en aan mijn rug. Eén van mijn ergste herinneringen is dat ik keihard met mijn voorhoofd ben geduwd tegen de scherpe rand van een gasbom. Ik moet zes jaar zijn geweest. Ik ben daarnaast ook geslagen met hangers, stokken, lepels en printa bezems. En dat slaan hield pas op als de hanger of die lepel het begaf. Naarmate ik ouder werd, werd ik vaker met een houwer overal op mijn lichaam geslagen. Op mijn benen, armen, buik en rug. Alsof dat alles doodnormaal was. Alsof dat niet genoeg was, kreeg ik ook de schuld van alles wat er misging in huis. Ik was een tenger meisje en bepaald niet het favoriete kind in huis, gezien mijn uiterlijk. Er werd altijd geklaagd over mijn uiterlijk. Door mijn tengere lichaam, groeide ik ook krom. Om mijn kromme rug werd ik steeds getreiterd en geplaagd. Zij vonden mij ook pikdonker en ik had een grote bril op mijn neus. De mensen om mij heen vonden dat niet mooi. Ik hoorde constant dat ik oerlelijk was, dat ik er vreselijk uitzag. Dat ik niet deugde. Ik werd bespot en uitgelachen alsof ik een vreemd lelijk eendje was. Als klein meisje dit alles meemaken in de bloei van je leven, heeft natuurlijk gevolgen. Ik kreeg een minderwaardigheidscomplex.

Op zoek naar liefde

Ik voelde me niet waardig genoeg. Voor niemand. Ik begon te geloven dat ik inderdaad niet deugde. Daarom begon ik eenieder in mijn omgeving naar de zin te maken, in de hoop toch een beetje liefde te kunnen ontvangen van de mensen om mij heen. Daar is toch elk kind op zoek naar? Liefde voelen en weten dat je veilig bent? Ik werd binnen de kortste keren een people’s pleaser, reeds als kind. Maar hoeveel ik ook deed om het mensen naar de zin te maken, de liefde bleef uit. Integendeel, het geestelijke en fysieke geweld nam toe. Op een gegeven moment leerde ik bij slagen mijn rug te gebruiken als dekking zodat de rest van mijn lichaam beschermd bleef. Ik draaide mijn lichaam automatisch om, boog mijn hoofd, plaatste mijn armen om mijn nek en ving elke slag op met mijn rug. Ook leerde ik om geen kik meer te geven wanneer ik werd geslagen. Dat was mijn manier om degene die mij mishandelde ook een lesje te leren; laten zien dat ik die slagen niet meer voelde. Ik begon mijn pijn en verdriet te verbergen en reeds op veertienjarige leeftijd werd ik volwassen. Mijn kind – zijn was afgepakt. Liefde was mij niet gegund. Het was niet vanzelfsprekend. Een veilig gevoel kennen, evenmin. Dat alles waarop een kind recht heeft, heb ik toen nooit gekregen. Op veertienjarige leeftijd begon ik uiteindelijk als een gek te studeren, mijn enige vluchtplan om mezelf te bevrijden. Ik wilde weg. Naar Paramaribo waar ik mijn eigen leven zou leiden Waar niemand aan mijn lichaam mocht komen. Waar niemand mij zou krenken. Mijn honger naar zelfstandigheid werd met de dag groter. Mijn verstand maakte overuren. Het enige dat door mij heen ging was overleven en nogmaals overleven. Naar Paramaribo gaan, was voor mij de bevrijding. Eindelijk kon ik dan vrij zijn. Tijdens mijn studie hield ik dat gevoel van vrijheid vast. Het lukte mij om rond mijn twintigste mijn wens te vervullen. Ik slaagde van de middelbare school en wachtte niet eens op mijn diploma. Ik pakte gelijk de bus naar Paramaribo. Zo groot was mijn drang naar vrijheid.

195 a -iwgds-huiselijk-geweld-ambassadeurs

Trauma’s

Degene die denken dat jeugdtrauma’s in je jeugd blijven en dus geen invloed hebben op je verdere leven, hebben het glad mis. Alles wat je in jouw jeugd hebt meegemaakt blijft je achtervolgen. Het wordt deel van je en beïnvloed jouw functioneren. In principe ben je een verminkt mens en blijf je een verminkt mens totdat je hulp zoekt en je heelt van de wonden. Weet dat wanneer het met jouw basis goed mis is, je onmogelijk een stabiel mens zal en kan zijn. Mijn akelige jeugdervaring had als gevolg dat ik niemand vertrouwde. Ik kon ook niet over mijn emoties praten en ook nooit mezelf zijn bij mensen. Dit alles kon ik goed verbergen door steeds een zakelijke houding aan te nemen tegen iedereen. Mijn pijn en verdriet bleef altijd goed verscholen. Je durft je hart niet te vertrouwen. Je durft jouw intuïtie niet te vertrouwen. Deze belangrijke menselijke gevoelens van jouw bestaan zijn immers reeds geschonden in je jeugd. Je handelt slechts uit ratio, omdat jouw levenservaring je leert dat dit veilig is. Diezelfde ratio gebruikte ik ook bij mannen. Het moment dat mijn hart een sprongetje maakte voor een man, zette ik het op een lopen. Ik durfde niet achter mijn gevoel aan te gaan. Ik durfde mijn vrouw – zijn niet te leren kennen. Op mijn drieëntwintigste durfde ik eindelijk vanuit mijn ratio een relatie aan te gaan. Niet vanuit het gevoel. Ik kan mij heugen dat ik openlijk de vraag stelde of hij ooit een vrouw heeft geslagen. Ik was als kind geslagen. Als vrouw geslagen worden zou ik niet overleven, wetende dat ik mijn jeugd in mijn hart opgesloten had. Hij sloeg vrouwen niet en schold ze niet uit. Voor mij was dat een teken dat ik bij hem wel veilig was. Een vergissing van jewelste. Niet omdat een man je niet slaat of uitscheldt, betekent het dat je bij hem veilig bent. En dat zag ik in gedurende mijn relatie. Toen werd ik weer de people’s pleaser zoals in mijn jeugd. Op zoek naar liefde maak je het hem maar naar de zin, in de hoop dat je een beetje liefde ervoor terugkrijgt. Daar stond mijn jeugd voor de deur, in mijn eigen relatie. Oude wonden kwamen naar boven. Ik begon weer leeg te worden. Pijn en verdriet voelde ik meer en meer. Ik leek een oneindige bron van pijn te zijn.

Engeltje

Toen ik beviel van mijn eerste dochter, was het de eerste keer dat ik liefde voelde. De verpleegster legde mijn baby in mijn armen en zei: het is een meisje. Bij de eerste aanraking voelde ik zo een magische schok en trillingen door mijn lichaam, die ik nooit eerder gekend had. Onbeschrijflijk. Moeder natuur had mij één van haar engelen toegestuurd met de boodschap dat liefde wel bestaat. Mijn dochtertje glimlachte onbezorgd in mijn armen en het eerste wat door mijn hoofd schoot was: ik zorg ervoor dat niemand maar dan ook niemand jou ooit pijn zal doen. Ik pakte haar kleine vingers en zei: lief klein engeltje van mij, ik ben mama en je bent veilig. Mijn eigen woorden deden mij enorm goed. Alsof ik dat ook tegen mezelf zei dat ik veilig was. Nadat ik mijn tweede dochter kreeg, ben ik op aandringen van een goede vriend hulp gaan zoeken. Hij was de enige persoon die, zonder dat ik hem iets verteld had, wist dat ik met jeugdtrauma’s rondliep. Hij zei: Seshma, je bent één en al liefde. Alleen weet je het niet te tonen. Je durft jezelf niet open te stellen. Ik stuur je naar een psycholoog. Praat over jezelf met haar. Ik deed dat. Maar zelfs bij psychologen ben je niet altijd veilig. Het is belangrijk dat je niet veroordeeld wordt door iemand die naar jouw verhaal luistert. Die moet gewoon kunnen luisteren en jouw pijn begrijpen. Tot mijn spijt merkte ik reeds bij de eerste gesprekken dat ze mij continue aan het veroordelen was voor het maken van kinderen met een niet – Hindostaanse man. Toch gaf ik de therapie niet snel op. Ik bleef ermee doorgaan. Tegelijkertijd leerde ik rond die tijd, op mijn dertigste, alcohol drinken. Ik begon het te gebruiken als middel om mijn pijn te verdoven. Ik merkte dat de therapie mij uiteindelijk niet hielp, dus stopte ik ermee. Ik begon nog meer te drinken. Geleidelijk aan raakte ik meer en meer in de problemen. Verstrikt in mijn dagelijks leven en verstikt in pijn en verdriet. Ook begon mijn rug het te begeven als gevolg van de mishandeling in mijn jeugd. Ik heb tijden gekend dat ik niet kon lopen. Ik moest slechts in bed liggen tot dat de pijn overging. Ik raakte depressief.195 b dreamstime com

Vorig jaar kwam ik in contact met een empowermentcoach.  Die was de tweede persoon die gelijk opmerkte dat ik met trauma’s zat. Ik heb mij toen laten coachen. Voor mij betekende dit een laatste kans om eindelijk af te rekenen met mijn traumatische jeugdervaring. Ik heb er nooit spijt van gehad. Ik heb voor het eerst iemand ontmoet die zo goed kan luisteren, mij niet veroordeelt en mij een veilig gevoel geeft. Wat je zoekt ben jij zelf. Dat was één van de eerste lessen aan mij. Ik zocht liefde, ik besef dat ik zelf liefde ben. Ik zocht veiligheid, ik besef dat ik zelf veiligheid ben. Ik zocht het positieve, ik besef dat ik zelf het positieve ben. Ik zocht goedheid, ik besef dat ik zelf goedheid ben. Ik heb mij nog nooit zo gelukkig gevoeld. Eindelijk bevrijd van de pijn. Eindelijk mag ik zijn wie ik ben. Als ik nu terugblik op mijn jeugd, besef ik dat het kind in mij wel een enorme wilskracht en licht in haar heeft gehad om zich een weg te banen naar de vrouw die ik nu ben. Ik voel enorm veel dankbaarheid naar dit klein kind in mij dat oh zo sterk is geweest en heeft gevochten voor wat ze altijd al wilde zijn. Ik voel me meer dan ooit één met mezelf. Meer dan ooit sterk! Ik wens u heel veel liefde toe.

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s