President en vicepresident, er zijn ook vrouwelijke deskundigen

Jrg 17 no 6 september 2020
door Henna Guicherit

Het is all hands on deck willen wij de diepe economische en financiële crisis te boven komen en onze toekomstige generaties een menswaardig bestaan garanderen Maar, het heeft er de afgelopen weken veel van dat ons leger aan vrouwelijk kader onvoldoende wordt erkend en ingezet. Het kan anno 2020 toch niet zo zijn dat door mannen gedomineerde besturen van politieke partijen in hun mannelijke netwerken op zoek gaan naar mannelijke kandidaten voor het ‘bemannen’ van raden van commissarissen en besturen. Met als resultaat een voortdurende scheve seksratio in bestuurlijke organen. De achterhaalde mythe dat macht en leiderschap mannelijk zijn, wordt op deze wijze jammer genoeg in ere hersteld in plaats van verder ontkracht. Terwijl wij nu in alle sectoren en op alle niveaus dringend deskundigheid nodig hebben. Het is tijd het roer drastisch om te gooien. Alle deskundigen moeten meetellen. Er is dus geen plaats voor uitsluiting en discriminatie van de ene sekse of bevoordeling van de andere. Gendergelijkheid is en blijft ons motto en moet ook hoog in het vaandel van alle coalitie partijen worden gedragen.

Tellen onze vrouwelijke deskundigen niet mee? Deze vraag stelden Karin Refos en Eline Graanoogst mij de afgelopen maand. Het gering aantal vrouwelijke benoemingen ten opzichte van de andere sekse geeft aanleiding tot grote verontwaardiging en ontevredenheid bij zij die al sinds jaar en dag strijd leveren voor gendergelijkheid en gendergelijkwaardigheid. En die strijd gaat onverkort door. Onze regeringsleiders zijn toch geen vreemden in Jeruzalem? Zij weten toch dat in de afgelopen decennia onze vrouwen op het gebied van educatie hun achterstand hebben ingelopen? En dat het aantal vrouwelijke studenten bij haast alle faculteiten en beroepsopleidingen het aantal mannelijke overtreft.  Er zijn opleidingen die zodanig gefeminiseerd zijn.  Wij hebben in Genderoptiek vaker kenbaar gemaakt dat de scheve seksratio in ons intellect ons feministen zorgen baart. Dit verdient alle aandacht van het beleid. Een strategie, gericht op het inhalen van de achterstand die mannen op velerlei gebied hebben, moet ook deel uitmaken van het regeringsbeleid. Het is daarom onbegrijpelijk dat de regering ons confronteert met het onvoldoende erkennen van het vrouwelijk kader bij benoemingen op verantwoordelijke bestuursposten. Women’s Rights Centre trekt daarom aan de bel en zal dat blijven doen zolang er geen verandering hierin komt. 

Database

President en vicepresident, ik ga er vanuit dat u weet dat er deskundig vrouwelijk kader is. Misschien weet u niet wat hun specifieke deskundigheid is en hoe u ze kunt bereiken. Ik adviseer u daarom om het Bureau Genderaangelegenheden van het ministerie van Binnenlandse Zaken aan het werk te zetten om de deskundige vrouwen te identificeren en een database voor u aan te leggen met hun expertise(s). Gelooft u mij, hier is geen geld en ook geen consultant voor nodig.

Opvallend is dat in sommige berichtgeving over de nieuwe raden en besturen het geslacht en de voornaam van de benoemden niet vermeld zijn. Ook hierin moet verandering komen. Ik vraag mij af als men zelf heeft gemerkt dat het niet lekker in de oren klinkt als er wordt gezegd de heer, de heer en de heer en zelden mevrouw. Of, staat men er helemaal niet bij stil dat het discriminatoir en heel onverstandig is om deskundige vrouwen niet in gelijke mate met mannen te laten delen in het besturen van staatsbedrijven en districten? Men moet toch weten dat vrouwen behalve hun deskundige inbreng, het ontwikkelingsbeleid ook verrijken met hun benadering vanuit een vrouwelijke optiek. De regering kan het zich niet permitteren om het vrouwelijk intellect niet of onvoldoende in te zetten terwijl er al sinds jaar en dag een structureel gebrek is aan deskundigen. 

Cijfers spreken

Ik heb om te komen tot een overzicht van de bemensing de mediaberichten geraadpleegd en waar nodig bedrijven telefonisch benaderd. Zo ook het secretariaat van de directeur van de Regionale Gezondheidsdienst (RGD). Na netjes mijn naam voluit te hebben genoemd en mijn vraag te hebben gesteld over de samenstelling van het nieuw bestuur, wilde de secretaresse weten wie ik ben. “Ik ben een Surinamer die net als iedere burger het recht heeft te weten wie in het bestuur van de RGD zit, was mijn no nonsens antwoord.” Dit was kennelijk onvoldoende. “ Ik ben bestuurslid van Women’s Rights Centre, ik ben directeur van Culconsult.” Maar, om mijn simpele vraag te beantwoorden, had ze toestemming nodig. “Verbindt u mij dan maar direct met de directeur.” Die bleek in een vergadering te zijn. Ik word teruggebeld. Te kakafowru kis’ tifi, dacht ik bij mezelf.

Op 3 september maak ik de balans op van de commissariaten en raden van commissarissen van de NV EBS, SLM, SPSB, Staatsolie, Staatsziekenfonds en Telesur. Dertig procent wordt bemenst door vrouwen. Opvallend is wel de Raad van Toezicht van de veelbesproken Surinaamse Postspaarbank die volledig door mannen is ‘bemand’. En de raad van Commissarissen van de SLM ook een bijna 100 procent mannen aangelegenheid. In het Bestuur van het Staatsziekenfonds hebben drie vrouwen en twee mannen zitting. Ik hoop dat bij de invulling van de Sociaal Economische Raad, de Staatsraad en overige Raden van Commissarissen en besturen gendergelijkheid en gendergelijkwaardigheid in acht zal worden genomen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s