Jrg 22 no 10 januari 2026
Tekst Henna Guicherit
Gendermainstreaming betekent bij elk overheidsbesluit bewust te kijken naar de gevolgen voor vrouwen en mannen. Dit is vereist om ongelijkheden tijdig te herkennen en mee te nemen in beleid. Afgelopen december was ik aangenaam verrast toen ik hoorde dat vijfentwintig beleidsverantwoordelijken van het ministerie van Landbouw Veeteelt en Visserij (LVV), in het kader van gender en klimaatverandering, enthousiast hebben deelgenomen aan een eendaagse genderbeleidstraining. Het voerde mij terug naar de tijd toen ik een aanzet heb gegeven tot het integreren van gender in het agrarisch beleid. Gaat deze minister van LVV nu echt opdracht geven om gelijkheidsdoelen toe te voegen aan de agrarische doelen? Zo ja, dan deel ik mijn kennis en ervaring graag. Als blijkt dat we te maken hebben met slechts een eenmalige donor gedreven activiteit dan krijgt mijn enthousiasme een deuk. Maar, voor gendermainstreaming zal ik blijven pleiten. Hopelijk met mij ook de trainees.
Aanzet
In de periode 2008 – 2010 is LVV, in het kader van het Agrarisch Sector Plan (ASP), tweemaal een overeenkomst met mij aangegaan als genderbegeleidingsconsultant. Hoewel gendermainstreaming als beleidsprioriteit was vastgesteld, waren de medewerkers van LVV en de ingestelde Program Implementing Unit (PIU) Gender, bij de aanvang van mijn werkzaamheden, niet bekend met de kernbegrippen gender en gendermainstreaming. Er werd geen enkel debat gevoerd over genderongelijkheid in de sector. Er waren geen naar sekse uitgesplitste data. De vrouwelijke agrarische producenten waren onzichtbaar. Het ministerie beschikte niet over genderdeskundigheid. Bovendien werd gender in de planningsmethodologie niet als een belangrijke planningsaangelegenheid beschouwd. Kortom alles wat nodig is om de genderongelijkheid in de agrarische sector aan te spreken, ontbrak.

Ik ervoer mijn opdracht als een grote uitdaging. Meer nog omdat gendermainstreaming als een project was opgebracht. Men was zich er niet van bewust dat het integreren van gender in het beleid een ongoing proces zou moeten zijn in alle projecten. Eén waarvoor er geen blauwdruk is. Waarvan de loop niet altijd voorspelbaar is binnen een vastgesteld tijdspad en creativiteit bovendien een belangrijke vereiste is. Dit maakt dat het proces moeilijk in – en aangepast kan worden aan bureaucratische administratieve vereisten. Die moeten de gestelde doelen faciliteren maar worden vaak niet als middel maar als doel gezien. De acceptatie van het door mij ingediende ‘Plan van aanpak’ had nogal wat voeten in de aarde. Ik formuleerde mijn opdracht vervolgens als ‘het begeleiden van de eerste aanzet tot gendermainstreaming’.
Mijn strategie was er in eerste instantie op gericht het gebrek aan genderbewustzijn, – sensitiviteit en deskundigheid aan te spreken en prioriteit te geven aan capaciteitsopbouw van de PIU Gender middels een zesdaagse interactieve basis gendertraining. Door mij samengestelde op maat gesneden modules, een reader ‘Gendermainstreaming agrarisch beleid’ en een brochure ‘Wat is gendermainstreaming? Waarom is gendermainstreaming van het agrarisch beleid zo belangrijk?’ moesten daar aan bijdragen. Vervolgens werden potentiele pilot projecten geïdentificeerd en met de verantwoordelijken besproken. De pilots moesten gelegenheid bieden de opgedane kennis toe te passen, praktijkervaring op te doen en effectief te werken aan een of meerdere gelijkheidsdoelen met actieve betrokkenheid van de belanghebbenden.
Pilot SAO
‘Stimulering van het agrarisch ondernemerschap’ (SAO) was een ASP project dat zich leende voor gendermainstreaming. ‘Een evenredige participatie van mannen en vrouwen in de training’ en ‘een genderevenwicht in het korps consulenten’ werden als gelijkheidsdoelen toegevoegd aan de agrarische doelen. Het gaat immers om gelijke kansen en behandeling van vrouwen en mannen, om een genderevenwicht.
Negentig regiocoördinatoren, ressortleiders, rayonleiders, voorlichters en data beheerders in de districten Commewijne, Coronie, Nickerie en Saramacca namen deel aan een tweedaagse basis gendertraining. Ook de PIU SAO en het bestuur en de beheerder van de pilot Agrarisch Krediet Fonds (AKF) – gericht op het opheffen van de genderkloof in de toegang tot kredieten – namen deel aan een tweedaagse training.
Wil er daadwerkelijk sprake zijn van gendermainstreaming van het overheidsbeleid dan moet men zich vooral ook op het hoogste beleidsniveau er van bewust zijn dat er nog altijd sprake is van discriminatie van vrouwen en van genderongelijkheid. Ook in de agrarische sector. Gendermainstreaming vereist een top-down approach. Mijn strategie om vervolgens de leiding van het ministerie actief te betrekken in het proces van capaciteitsopbouw, strandde. In de plaats daarvan kwam het verzorgen van een training voor een door de minister geselecteerde groep stafmedewerkers.
Einde Project Gendermainstreaming
Er zijn successen geweest waaronder de overplaatsing van de voorzitter van de PIU Gender van het Onder directoraat Landbouw naar Planning, trainees die in Saramacca en Coronie hebben zorg gedragen voor een evenredige participatie en een quick scan in de districten. Mij restte tot slot niets anders als de genderdeskundige van de Food and Agricultural Organization (FAO) in Rome aandacht te vragen voor de voortzetting van het werk waar ik aan was begonnen.
In het voorwoord van het door mij in 2001 samengestelde ‘Gendermainstreaming Actieplan van de Surinaamse Overheid’ benadrukte ik: ‘dat het uitvoeren van dit actieplan valt en staat met de politieke wil om genderongelijkheid in ons land op te heffen en de voorwaarden daartoe te scheppen’. Als ik nu, vijfentwintig jaar later, de balans opmaak, kom ik tot de beschamende conclusie dat het structureel aan politieke wil en ook gedrevenheid heeft ontbroken. De voornemens hebben zich niet of nauwelijks vertaald in doeltreffende acties en meetbare vooruitgang. Met de realisatie van, veelal donor gedreven, ‘projecten gender’ zijn er wel enkele stappen voorwaarts gezet maar ik heb een donkerbruin vermoeden dat deze ondertussen grotendeels zijn verdampt. Anno 2026 schijnt er toch een lichtpuntje. De minister van LVV zal, onder pressie van donoren als de FAO, zijn politieke wil wel moeten tonen. Immers gendermainstreaming is een essentiële voorwaarde waaraan voldaan moet worden. No gendermainstreaming, no money!