Gelijke rechten voor vrouwen en mannen in 2030; de tijd dringt

Jrg 22 no 2 mei 2025 

Tekst Henna Guicherit

Hebben de politieke partijen en hun kandidaten die op 25 mei verkiesbaar zijn er wel bij stilgestaan dat Suriname zich heeft gecommitteerd aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG) van de Verenigde Naties? Dat volgens Ontwikkelingsdoelstelling (SDG 5) over vijf jaar iedere vorm van discriminatie tegen vrouwen uitgebannen moet zijn? En dat vrouwen en mannen in 2030 evenveel invloed zullen moeten hebben in de politieke en economische besluitvorming en uitvoering. 

Het SDG Platform heeft in mei 2024 politieke partijen opgeroepen de SDG’s mee te nemen in hun verkiezingsprogramma’s. En De Nationale Assemblée heeft in samenwerking met het SDG Platform Suriname op 10 april een workshop ‘Integratie van de SDG in politieke programma’s en beleid’ georganiseerd.

De regering die later dit jaar aantreedt, moet zich er wel van bewust zijn dat zij ook op het gebied van gendergelijkheid een stevige agenda heeft af te werken. Om gendergelijkheid en de empowerment van vrouwen en meisjes in 2030 te bereiken zal het regeerteam zich moeten inzetten om er onder andere voor te zorgen dat:

  • er een einde wordt gemaakt aan alle vormen van discriminatie tegen vrouwen en meisjes;
  • alle vormen van geweld tegen vrouwen en meisjes in de openbare en de privésfeer en ook vrouwenhandel en seksuele en andere soorten uitbuiting uitgeroeid worden;
  • vrouwen volledig en doeltreffend deelnemen aan – en gelijke kansen hebben voor leiderschap op alle niveaus van de besluitvorming in het politieke, economische en openbare leven; en
  • iedereen toegang heeft tot seksuele en reproductieve gezondheids- en reproductieve rechten. 

SDG 5 en de verkiezingsprogramma’s

Hoe de regering zal zijn samengesteld, is nog koffiedik kijken. Een kritische genderblik op tien verkiezingsprogramma’s geeft ons een indicatie van het genderbeleid dat wij al dan niet kunnen verwachten en waarover politieke partijen de komende vijf jaren, bij goed bestuur, periodiek verantwoording zullen moeten afleggen. 

Het Verkiezingsprogramma 2025 – 2030 ‘Samen Bouwen aan een Duurzame Toekomst’ van de Algemene Bevrijdings en Ontwikkelings Partij (Abop) stelt rechtvaardigheid, welzijn en duurzame ontwikkeling centraal en ‘daarom zetten wij ons in voor gendergelijkheid (SDG 5) en gelijke rechten voor mannen en vrouwen in alle lagen van de maatschappij.’ De mens- en burgergerichte benadering in het Abop programma komt onder andere concreet tot uiting in de aandacht voor slachtofferhulp, gelijke kansen voor vrouwen en jongeren op de arbeidsmarkt, inclusieve politieke participatie en oog voor de rechten van minderheden en kwetsbare groepen. 

  • ‘Slachtoffers van misdrijven en geweld ondersteunen met counseling, juridische bijstand en praktische hulp om hen te helpen herstellen en weerbaar te maken. Extra aandacht geven aan de bescherming van vrouwen, kinderen en ouderen door middel van specifieke maatregelen tegen huiselijk geweld, misbruik en verwaarlozing.
  •  Bevorderen van inclusieve politieke participatie door barrières voor deelname van jongeren, vrouwen en andere ondervertegenwoordigde groepen te verminderen en het democratisch proces open te stellen voor alle burgers.
  • Het beschermen van de rechten van kwetsbare groepen, zoals Inheemse en Tribale gemeenschappen, vrouwen, LGBTQ+-personen en mensen met een beperking, om gelijkheid en non-discriminatie te bevorderen.’

Alternatief 2020 beperkt zich in hun verkiezingsprogramma ‘Wan Tra Fas’ De’ tot het in uitvoer brengen van “gerichte werkgelegenheid programma’s die gericht zijn op specifieke groepen, namelijk vrouwen, jeugd, mensen met een beperking en mensen in rurale gebieden”. 

De Vereniging Broederschap en Eenheid in de Politiek (BEP) is, vanuit een mensenrechtenbenadering en de maximale benutting van het potentieel aan menskracht, ‘onlosmakelijk verbonden aan gendergelijkheid’. ZE kent geen vrouwen -of mannenberoepen meer. Zij focust op ‘het stimuleren van deelname van meer vrouwen in de politiek’ en op ‘het stimuleren van de economische weerbaarheid van vrouwen en mannen door ondersteuning van zelfwerkzaamheid en betere inkomensmogelijkheden’.

DA’91 geeft, in ‘Uw Paspoort naar de Nieuwe Republiek’ met ‘vrouwenbeleid’ als een specifiek beleidsgebied  aan zich te zullen inzetten voor SDG 5. ‘Gelijke rechten en kansen in werk en bestuur, strijd tegen huiselijk geweld en seksuele intimidatie, ondersteuning van vrouwelijke ondernemers en speciale aandacht voor gezondheid van vrouwen en zwangerschapszorg’, worden expliciet genoemd.

De Nieuwe Leeuw heeft in haar programma ‘Zonder plan geen ontwikkeling’ een paragraaf genderbeleid. ‘Om een gelijkwaardige en rechtvaardige basis te creëren waarbij vrouwen evenals mannen gelijke rechten en kansen hebben, en in alle maatschappelijke, bestuurlijke, politieke en andere posities kunnen participeren, dienen niet alleen de nodige condities daartoe te worden geschapen maar ook de relevante wetgeving tot stand te worden gebracht.’ Geïdentificeerde condities die geschapen moeten worden zijn onder andere salarisgelijkheid, gelijke rechten en kansen en zorg voor gender-inclusieve gezondheidszorg die rekening houdt met de specifieke behoeften van verschillende genders inclusief seksuele en reproductieve gezondheidsdiensten.

De Nationale Democratische Partij maakt in haar partijprogramma ‘Samen naar duurzame ontwikkeling’ haar voornemen kenbaar met de bestaande vrouwenorganisaties (vorm krijgend in het nationaal vrouwenplatform) direct te zullen overgaan tot de formulering van een samenstel van maatschappelijke voorzieningen, plannen en programma’s, rechten en verantwoordelijkheden, genaamd het vrouwenstatuut. Dit statuut zal de gelijke en gelijkwaardige positie van de vrouw tot een verworvenheid moeten maken.

De speerpunten in ‘A Nyun Pasi’, het Verkiezingsmanifest 2025 van de Nationale Partij Suriname, zijn economie, milieu, onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur en goed bestuur. Voor de nieuwe koers die deze partij wil varen naar ‘welvaart, welzijn en rechtvaardigheid’ mis ik SDG 5 die het opheffen van de genderongelijkheid en de empowerment van vrouwen en meisjes als voorwaarde hiervoor stelt. 

De verkiezingsprogramma’s van de Optsu en Pertjaja Luhur tonen geen affiniteit met SDG 5. Passages gericht op het uitbannen van alle vormen van discriminatie tegen vrouwen ontbreken.

Het verkiezingsprogramma van de Verenigde Hervormings Partij heeft een hoopvolle titel ‘Gezamenlijk bouwen aan een veilige toekomst’, maar beperkt zich tot: ‘actiever optreden tegen huiselijk geweld en geweld tegen vrouwen en kinderen. Vergroten bewustwording en betere begeleiding van slachtoffers en daders’.

Copyright DNA.sr

De SDG’s zijn gericht op de bevordering van welvaart en de bescherming van planeet Aarde tegen klimaatverandering om zo armoede te bestrijden met strategieën die zowel economische groei ontwikkelen als een reeks sociale behoeften aanpakken, zoals onderwijs, gezondheid, sociale bescherming en werkgelegenheid. Toch ontbreekt deze focus in veel verkiezingsprogramma’s terwijl de tijd dringt. De empowerment van vrouwen en meisjes is noodzakelijk. Wie dit miskent, loopt het risico nog meer burgers achter te laten.

Geef een reactie